|
| |
Beknopte
geschiedenis van de chocoladeproductie in Nederland |
| |
Toen de Spanjaarden rond
1500 in Latijns Amerika belandden, troffen zij daar voor hen onbekende
cacaoplanten aan en zagen zij dat de Azteken cacaobonen niet alleen
gebruikten als betaalmiddel maar ook vermaalden en met water en kruiden
klopten tot een bittere, schuimende cacao drank, chocolade (xoco-atl
= sterk water).
|
| |

Fig. 1 |
| |
De Spanjaarden namen de
cacaobonen mee naar Europa, en vanaf begin 17e eeuw was de bittere
cacaodrank ook in Nederland bekend. Cacaobonen werden naar Zeeland
vervoerd vanuit Trinidad en vanuit eigen plantages in Suriname en
in met wind, mens of dierkracht aangedreven molens vermalen tot “Zeeuwse
chocolaad” (figuur 1.), Alleen
in Middelburg staat nog één van de allereerste bedrijfjes,
dat eigendom was van de familie Fak Brouwer, en produceerde tussen
1703 en 1893. Het product bestond uit kleine, donkere en heel bittere
cacaotabletten en –blokjes, de zogenaamde Zeeuwse koekjes, die
ook heel vet waren, omdat alle cacaoboter er nog in zat. Eenmaal opgelost
in warme melk of heet water, ontstond een zware, vettige cacaodrank,
de socculate, die heel anders smaakte dan de chocomel die we nu drinken.
Socculate werd op smaak gebracht met anijs, nootmuskaat, kaneel, amber
en vanille of suiker.
|
| |

F. Korff |
| |
Een van de vele cacaoverwerkende
bedrijven in Amsterdam was Korff. De
oprichter was de heer F. Korff (1791 – 1888), een bekende handelaar
in specerijen in de stad. Hij begon in 1811, dus aan het eind van
de Napoleontische tijd in Nederland, met de productie van ‘Zeeuwse
chocolaad’ in de windmolen De Goede Verwachting aan de Spaarndammerdijk,
die tot 1871 in bedrijf bleef.
|
| |

Windmolen De Goede Verwachting aan de Spaarndammerdijk
in Amsterdam |
| |
In 1828 introduceerde
C.J. van Houten de zogenaamde ‘Hollandse methode’ in
de cacaoverwerking. De uitvinding van Van Houten bestond uit twee
delen.
Allereerst verwijderde hij door verwarming en persing meer dan de
helft van het vet uit de gebrande cacaobonen. Ten tweede liet hij
cacaopoeder reageren met potas, waardoor de kleur van de cacaopoeder
mooier werd, de oplosbaarheid in water of melk verbeterde, en de
resulterende drank lichter verteerbaar was en lekkerder gevonden
werd.
Door Van Houten’s dubbele uitvinding werd het mogelijk om
cacaopoeder te maken en ook de chocoladerepen en andere producten
zoals we die vandaag kennen.
Het maken van cacaopoeder is een zaak van grote industriële
bedrijven, terwijl de verwerking tot chocoladeproducten ook in kleine
bedrijven plaats kan vinden
|
| |

Fig. 2 |
| |
In 1880 werd Korff’s
windmolen De Goede Verwachting afgebroken en werd op die plaats, aan
de Spaarndammerstraat, even buiten de Willemspoort de “Stoom
Chocolade Fabriek de Bijenkorf” onder de naam F.
Korff & Co. gebouwd (zie figuur 2). In 1876 was het Noordzeekanaal
geopend, waardoor de toevoer van grondstoffen (cacaobonen, steenkool)
naar Amsterdam aanzienlijk vergemakkelijkt was en het volumen van
de cacaohandel in Amsterdam explosief steeg.
Ook Korff groeide snel, en na een korte tussenperiode in Rijswijk,
verhuisde het bedrijf definitief terug naar Amsterdam naar een minipoldertje
naast het latere Amstelstation aan de Ringdijk van de Watergraafsmeer.
In 1905 werd een tweede fabriek in Wenen geopend.
In 1911 bestond Korff 100 jaar. Toen werd een jubileumboek samengesteld
met foto’s die een duidelijk beeld geven van het productieproces
in een cacao- en chocoladefabriek aan het begin van de 20e eeuw. Ook
wordt zichtbaar hoe zwaar en vuil het werk was in die tijd, hoe vrouwen
en mannen, meisjes en jongens, gescheiden taken hadden en hoe de verhoudingen
in de fabriek er in die tijd uit zagen.
|
| |

De Korff fabriek in Amsterdam |
| |
Korff werd in 1978 eigendom
van General Cocoa Company Holland. Dat
bedrijf werd in 1986 overgenomen door de Amerikaanse multinational
Cargill. De naam Korff is uit het Amsterdamse stadsbeeld verdwenen.
Velen herinneren zich nog de producten van Korff, waaronder de beroemde
cacaodrank Fosco. De slogan Kenners
Kiezen Korff, die vroeger trots op het dak van de fabriek naast
het Amstelstation stond, is verleden tijd geworden.
|
| |
 |
| |
 |
| |
De
agroproductie.
Het eerste deel van de verwerking van cacao en de productie van chocolade
is gelijk. Hoewel de cacaoplant oorspronkelijk uit het tropisch regenwoud
van Latijns Amerika afkomstig in de stroomgebieden van de Orinoco,
(Venuzuela), Amazonias (Brazilie) en Choco (Colombia), is de plant
na de 16e eeuw steeds verder verspreid over de wereld, ook naar Azië
en naar Afrika. Was aan het begin van de 20e eeuw Ecuador nog de grootste
cacaoproducent ter wereld, inmiddels voert Ivoorkust al vele jaren
de ranglijst aan. Amsterdam is niet alleen de belangrijkste bestemmingshaven
voor de Ivoriaanse cacao, het is tevens de grootste im- en export
haven ter wereld van cacaobonen. |
| |
 |
| |

Fotoserie Korff
1911
(aangevuld met een foto uit het Bensdorp archief). |
|
|